Word lid!

Voelen

Dagelijks maak je gebruik van je tastzintuigen, of ander gezegd 'het vermogen om te voelen'. Als je het lichtknopje zoekt in een donkere kamer of als je iets zoekt in een rugzak vol spullen.

Kinderen met een ernstig meervoudige beperking (EMB) kunnen problemen ondervinden met hun tastwaarnemening. Dit heet een stoornis in de tactiele ontwikkeling of tastontwikkeling. Veel meervoudig complex gehandicapte kinderen (MCG) hebben een bijkomende ernstige visuele beperking en zijn voor een groot deel daarom juist aangewezen op de tast.

Op deze pagina komt aan bod:


Wat is een goed goed functionerende tastzinTastinformatie krijgen we binnen via onze huid; dit noemen we de tastgevoeligheid. Met onze huid kunnen we voelen of materialen hard, zacht, ruw, glad zijn. Ook kunnen we lichte en onverwachte aanrakingen voelen. Bij een goede verwerking van prikkels door ruggenmerg, hersenstam en de rest van de hersenen wordt een deel van de informatie gefilterd of juist versterkt. Een goede verwerking wordt gevoed en ontwikkeld door een juist aanbod aan prikkels, een gebrek hieraan heeft achterstand tot gevolg. Ook eenzijdige of slechte voeding heeft hierop een negatief effect.

Het gezichtsvermogen en het gehoor worden aangeduid als verte-zintuigen. Deze zintuigen kunnen informatie op afstand opnemen en vervolgens verwerken. Bij de tast, een nabijheidzintuig is dat niet mogelijk. Bovendien komen tast-indrukken meestal na elkaar binnen en moeten dan tot een geheel worden samengevoegd. Dat kost drie maal zoveel meer tijd. Voor kinderen met een visuele beperking is de tast één van de belangrijkste zintuigen.

 

Naar boven


Wat is de invloed van de tast op de ontwikkeling?De tast ontwikkelt zich al in de baarmoeder. Een ongeboren kind van zeven weken kan op de tast al de duim in de mond stoppen en gaan zuigen. De tast heeft twee functies: beschermen en onderscheiden.

We hebben de tast nodig om ons te beschermen tegen gevaar, het voelen van de hete kraan of een scherp voorwerp bijvoorbeeld. Het onderscheiden van wat een kind voelt, wordt in de eerste levensjaren steeds verfijnder en geeft zo informatie.

Vooral baby's en kinderen met een meervoudige beperking zijn gevoelig voor de manier waarop ze opgepakt en tegen een vertrouwd persoon aangehouden worden. Ze voelen meteen als dat iemand anders is, die hen bijvoorbeeld minder stevig vasthoudt.


De mond is in het begin een van de belangrijkste informatiebronnen. In ieder geval om te zoeken naar de borst of de fles en te drinken. Maar ook om op zoek te gaan naar het gezicht of de hand van de ouder. Nog wat later ontstaat het contact tussen mond en hand en doen kinderen zo ervaring op. Ook de voetjes worden gebruikt om te tasten.

 

Naar boven

Verstoringen in de tactiele (tast) waarnemingMet name neurologische (zenuw-)aandoeningen maken vaak dat het kind tactiele informatie niet goed kan verwerken. Bij kinderen met een verlaagde spierspanning als gevolg van spasticiteit of verlamming komen tastprikkels bijvoorbeeld niet op een normale manier binnen. Zelfs lichte afwijkingen in spierspanning kunnen al grote invloed uitoefenen op de ervaring (vervelend of juist prettig) van verschillende tastprikkels.

Problemen in de tastontwikkeling kunnen voortkomen uit het afweren van tactiele prikkels, zgn. tactiele afweer (overreactie of hyperregistratie van tastprikkels) of juist verminderde gevoeligheid van tactiele prikkels (onderreactie of hyporegistratie).
Dit zijn termen uit de Sensorische Informatie Verwerking theorie (SI). Sensorische Informatie Verwerking is het vermogen om informatie uit de wereld om ons heen en uit ons eigen lichaam op te nemen, te selecteren en de verschillende stukjes informatie met elkaar te verbinden. Met als enige doel dat we op de juiste wijze kunnen reageren op die prikkels. Bijvoorbeeld: je zit op een schommel en je zakt een beetje scheef. Je corrigeert jezelf automatisch, net zoals je je houding en beweging aanpast bij het in beweging brengen van de schommel. Wanneer iemand met je wil praten, dan lukt dat, terwijl je gewoon verder schommelt.

Naar boven


Tactiele afweer van prikkels (overprikkeling)Bij tactiele afweer worden normale prikkels als onaangenaam of zelfs als pijnlijk ervaren. Hierdoor zal het kind aanraken of aangeraakt worden zoveel mogelijk proberen te vermijden. Tactiele afweer heeft gevolgen voor het tastend de wereld verkennen, maar ook voor de alertheid. Door de tactiele afweer komt het kind in een staat van 'alarm', stress, terwijl de concentratie afneemt. Bij het voortduren van de stroom tastprikkels wordt het kind vaak onrustiger. Het te veel aan tactiele informatie kan niet door het zenuwstelsel worden verwerkt.

Tactiele afweer kan over het hele lichaam voorkomen, maar ook op delen van het lichaam. Veel voorkomende lichaamsdelen zijn: de handpalmen en/of vingertoppen, het hoofd, het mondgebied en de voetzolen. Hoofd: veel kinderen reageren afwijzend op een aai door het haar, de hoofdhuid is heel gevoelig voor aanraking. Ook sommige kleding kan hen hinderen, denk aan de soort stof en merkjes in de nek bijvoorbeeld. Vaak geven deze kinderen de voorkeur aan harde, gladde voorwerpen en niet aan zachte, vervormbare zoals klei, scheerschuim, vingerverf.

Verminderde gevoeligheid voor tastprikkels wordt ook wel onderreactie of hyporegistratie genoemd; kinderen lijken de tastprikkel niet te voelen. Deze kinderen zijn vaak op zoek naar sterke prikkels: knijpen bijvoorbeeld in hard materiaal, hebben een voorkeur voor harde/ruwe texturen en kunnen zichzelf verwonden.

Naar boven

Gevolgen van onder- en hyperregistratie van tactiele prikkelsBij kinderen met een motorische beperking is het moeilijk om gericht te bewegen en zo tastervaringen op te doen.
Wanneer hier sprake van is, wordt de tactiele waarneming en daarmee het tactiel functioneren belemmerd. Kinderen doen te weinig ervaring op, interpreteren informatie niet juist en dit heeft gevolgen voor de ontwikkeling. Het kind heeft sterke voorkeur voor bepaald, bekend materiaal en wijst nieuwe, onbekende zaken af. Ook het alleen maar met een vingertop willen tasten en niet met de vlakke hand, geeft andere informatie.

Wanneer prikkels niet goed geregistreerd worden, het beschermende systeem niet goed werkt, kan dit gevaar opleveren! Denk bijvoorbeeld aan drukplekken of een te warme kruik. Vooral als het kind dit niet zelf kan aangeven is het belangrijk hier goed op te letten.

Naar boven


Onderzoek en diagnose
Bij het vermoeden van tactiele afweer en bij ondergevoeligheid wordt aangeraden nader onderzoek te laten verrichten door een fysiotherapeut of ergotherapeut. Vaak wordt Sensorische Informatieverwerking (SI) therapie geïndiceerd (principes van Ayres). Deze behandelingen worden alleen uitgevoerd door therapeuten die de SI-opleiding hebben gevolgd of op hun uitdrukkelijke instructie.

Naar boven

 

Praktische tips voor het stimuleren van de tastontwikkelingPlezier in het tastend verkennen is heel belangrijk. Hiervoor is een veilige omgeving met vertrouwde personen nodig.
Kinderen met een ernstige beperking bewegen uit zichzelf vaak minder dan normaal ontwikkelende kinderen. Juist bij het tasten is het belangrijk dat een kind een bepaalde houding kan handhaven en daarbij beide armen en handen goed gedoseerd kan gebruiken.

De combinatie van geluid en de tast is vaak nodig om te leren begrijpen dat er iets is om naar op zoek te gaan. Geleidelijk aan leert het kind om alleen bij het horen van zijn favoriete speeltjes met de handen op zoek te gaan. Vooral met allerlei bewegingsspelletjes kun je het lichaamsbesef van je kind stimuleren.

  • Op een speelkleed kun je je kind in verschillende houdingen leggen, met gebruik van een begrenzing om een gevoel van veiligheid te vergroten. Een speelring, kussens, een box zijn voorbeelden van begrenzingen. Variaties kun je aanbrengen door verschillende onderlagen te gebruiken, zodat de ervaringen uitgebreid worden. Denk aan een handdoek, een schapenvachtje, een deken, een boxkleed met tastbare materialen.
  • Kleding geeft ook tastgewaarwording: een zacht vestje, een ribbelbroek, een glad jasje, een dekentje, dat stevig ingestopt wordt.
  • Om de opmerkzaamheid van je kind te stimuleren kun je eigenlijk bijna alles in en om het huis en uit de natuur gebruiken. Het gaat erom dat er iets aan te voelen valt qua oppervlak (textuur), vorm, uitsteeksels of beweegbare delen.
  • Je kunt denken aan een activitycenter en ander speelgoed met verschillende tastkwaliteiten, zoals ribbeltjes, bobbeltjes, glad of harig, verschillende vormen en met en zonder geluid. Door samen met je kind geluid te maken met bijvoorbeeld een rammelaar, ontdekt hij dat hij dit zelf ook kan.
  • Tijdens het verzorgen van je baby kun je de lichaamsdelen die je aanraakt benoemen. Ondertussen kun je een beetje wrijven of kriebelen, zodat je kind dat lichaamsdeel goed voelt. Baby- en kindermassage zijn een prima middel om het lichaamsbewustzijn te stimuleren.

Bovenstaande ideeën en meer is te vinden in het boek FanTASTisch, een uitgave van Koninklijke Visio. 

 

Naar boven


Meer weten? Lees FanTASTisch
FanTASTisch, een inspiratiebron voor ouders van blinde kinderen, is een uitgave van Koninklijke Visio, expertisecentrum voor slechtziende en blinde mensen.

Het is een boek over de wijze waarop ouders de tast van hun kinderen kunnen stimuleren en hiermee hun ontdekkingstocht in de wereld te vergemakkelijken. Logischerwijs dagen aantrekkelijke objecten in de omgeving deze kinderen niet uit om op onderzoek te gaan. Alleen door ze expliciet te prikkelen, verkennen zij hun eigen rammelaar of beker. Het boek geeft achtergrondinformatie over de tast en de ontwikkeling ervan.
Vervolgens is er een praktisch deel vol ideeën, tips, materialen en activiteiten om de tast te stimuleren. Het derde deel bevat vier interviews met ouders van blinde kinderen in verschillende leeftijdsfases.
Hoewel het boek is geschreven vanuit de ontwikkeling van normaal lerende kinderen, zullen de ideeën voor baby's en peuters mogelijk ook bruikbaar zijn voor MCG-kinderen.

Bestellen kan via www.visio.org (exclusief verzendkosten), het boek kost € 19,95.

Anneke Blok, Ontwikkelingsbegeleidster Visio.

 

Naar boven